Dansen

In de bakfiets van school naar huis is het, zoals wel vaker, geharrewar. Vooral tussen kleinzoon Liam (9) en zijn zus Sophie (5! ‘Ik was ook al zó lang niet jarig geweest…’). Een voet landt bij het instappen net op een teen (‘Opa!’), de in elkaar gezwaluwstaarte benen – ruimte is beperkt – worden iets teveel als hinderpalen benut (‘Opaaa!’). Eenmaal thuis aan tafel gaat dat zo nog even door. Een duw van de een, een uitgehaalde hand – jongens… nu wordt opa echt boos – van de ander.

Tot Liam even later van zijn stoel glijdt, iets met zijn controllers en een spelapparaat regelt, en er vervolgens luide muziek door de kamer knalt.
‘Onze liefde is een waterval..’, zingt hij luidkeels mee met swingende tekenfiguren die ik op het TV-scherm zie.
Sophie legt het broodje dat ze aan het eten was terug op haar bord – ‘Ik hoef niet meer’ – en gaat naast haar grote broer tegenover de digitale dansers op het scherm staan. Draaien met de billen, swingende boksgebaren met haar armen.
‘Ons liedje is een waterval…’, maakt ze er vol overtuiging van.
Liam lacht vertederd.
‘Just dance!’, roept hij naar mij. De titel van de doe-maar-mee-dansles, begrijp ik. De controller in zijn hand registreert zijn bewegingen en geeft dan feed back over zijn danstalent.
‘Wil je ook meedoen?’, vraagt hij aan Sophie.
Die kijkt vooral naar hem, maar knikt evengoed enthousiast.
‘Wil je jazzy of crazy?’, vraagt hij, op zijn eigen Engels uitgesproken met een creatief beginrijm.
Sophie knikt. Alles is goed samen.
‘Nu wordt het cool!’, hoor ik Liam aankondigen bij een stevige rapbeat onder de telkens met raspende stem herhaalde tekst chacarron.

Sophie kijkt ondertussen zo geconcentreerd op naar haar dansende grote broer, dat ze elke beweging vergeet.
‘Je bent een supergoed danstalent’, roept hij evengoed naar haar.
Ik zie het inderdaad op het scherm staan bij een van de twee avatars die hij heeft aangeklikt om hun scores bij te houden. Ik vermoed die van hem.
Pas als de muziek is afgelopen, springt de vonk bij Sophie over en danst ze met wilde bewegingen op het kamerkleed. Haren zwierend om haar hoofd, handen in een juichbeweging de lucht in.

Dan valt ze opnieuw stil. Om uit te hijgen dit keer. Liam aait zijn kleine zus over haar hoofd.
‘Je hebt goed gewonnen’, zegt hij.
Zij lacht alleen maar.