Pech

Op pech kun je je voorbereiden, door vooraf te bedenken wat nu echt belangrijk voor je is. En de dood moet je niet moeilijk over doen. Als jij er bent is de dood er niet en als de dood er is ben jij er niet.

Zo simpel is het allemaal in de woorden van de grote stoïcijnen. We lazen ze – moeizaam vertalend – op de middelbare school aan de Hobbemakade, maar nog liever in koffiecafé Pico (‘zwart of blond?’) aan de Ferdinand Bolstraat daar vlakbij. Om de grote bevrijding in de vorm van het eindexamen te halen, maar ook uit oprechte belangstelling. Zoals voor Socrates die in alle rust de gifbeker dronk die een einde aan zijn leven maakte of Seneca die in een warm bad zijn aderen open sneed. Niet omdat ze snel opgaven, maar omdat ze het uiteindelijk onvermijdelijke met opgeheven hoofd tegemoet traden.

Vanuit die gedachte fietste ik van de week in het winterdonker van de ochtendspits tussen bundeltjes slingerende scholieren naar mijn huisarts. In mijn boodschappentas wat lege flessen voor de glasbak – altijd praktisch blijven – en een getekende verklaring dat ik alleen medische hulp wil bij een goede kans op een zelfredzaam vervolg van mijn leven. De grenzen van mijn bestaan accepteren, wat mij betreft. Ook de griepprik kom ik niet halen en verzoeken om een schepje poep te onderzoeken gaan bij mij retour afzender. De huisarts begreep mijn keuze dus en we regelden vooral de digitale afhandeling. Je kunt van alles willen en besluiten, maar als die wens het Landelijk Schakelpunt niet bereikt, lig je zomaar met een sondevoeding in je neus aan de hart-longmachine. Armen gefixeerd want meneer is wat onrustig.

Op de fiets terug, piept mijn telefoon een mailtje binnen van één van de goede vrienden van destijds uit café Pico. Niet zulke beste berichten, schrijft hij. En vertelt over een tijdelijk stoma en over een stuk darmen dat vanwege een gezwel uit zijn lijf is geknipt. Maar hij vertelt vooral over ziek zijn, verlies van al zijn energie en opname in een revalidatiekliniek op zoek naar herstel.

Het is nog steeds niet helemaal licht als ik op de stoep dit berichtje sta te lezen. Voor de wijze is pech een oefening, zegt Seneca. Het leert je dat maar één ding telt: een goed mens zijn. Maar wat dat dan is en hoe je dat doet, daar kwamen we ook na vele koppen koffie daar aan de Ferdinand Bolstraat niet zo best uit. Inmiddels zijn we wat wijzer. Denk ik.

Ik stap weer op de fiets. Eerst die lege flessen maar eens wegbrengen.