Missen

De vakantie is voorbij en kleindochter Sophie (bijna 3) en ik zijn weer met zijn tweetjes op mijn opadag.
‘Papa is aan het werk’, deelt ze me meteen al mee. ‘En mama is ook aan het werk.’
Ze zegt het met haar hoofdje en schoudertjes een beetje naar beneden.
‘Ik mis ze’, concludeert ze ook zelf.

En met die constatering, blijken er opeens ook nog zoveel andere bronnen van verdriet. Een lieveheersbeestje dat ze met papa in de tuin had gevonden. Weg. Een slak op het straatje in de tuin. Platgetrapt.
‘Dan moet het slakje huilen’, weet ze eigenlijk wel zeker.
Een plastic krokodil is ook al kwijt en die had ze nog wel samen met papa in de supermarkt gekocht. Ze zit er bovenop, ziet ze gelukkig al snel. Maar evengoed.
‘Dat willen krokodillen niet. Dat is niet de bedoeling!’
Het babyschelpje dat ze al tijden zorgvuldig in een leeg etenspotje samen met gevonden steentjes bewaart, is zijn mamaschelp kwijt, ziet ze als ze de inhoud op tafel uitstrooit. En haar eigen babypop ligt ook al te huilen op de bank.
‘Kom maar hoor’, klemt ze het gebutste en met viltstift bekraste plastic koppie van haar lievelingspop tegen zich aan. ‘Ik ben er weer. Was je verdrietig?’

Ik weet eigenlijk maar één uitweg uit deze poel van narigheid. Aan de slag. Dweilen. Ze springt meteen van de bank wanneer ik de spullen tevoorschijn haal. Hijgend zeult ze samen met mij de Spaanse mopemmer de keldertrap op naar de keuken. Daar bekijken we de vlekken die weg moeten. Met haar twee handjes beneden aan de stok en mijn twee handen boven, draaien we de mop in de emmer rond tot het spettert. Goed uitwringen, ook samen. Dan gaat ze, met een stok van bijna twee keer haar lengte, aan de slag. Zelf doen! En dat doet ze. Met haar handjes vlakbij de mop en een lange, onwillige steel die alle kanten op zwiept. Maar ze doet het.
‘Het lukt me!’, roept ze trots wanneer ze na veel heen en weer boenen de vlekken inderdaad ziet verdwijnen.

Na veel rondes uitspoelen, wringen en poetsen-poetsen-poetsen, gieten we samen de sopemmer leeg in de gootsteen en zetten hem met de mop in een hoekje om straks op te ruimen. Eerst even rustig kijken. Sophie met haar handjes in haar zij, haar blote voetjes op de vloer die nog een beetje nat is. Meer dan tevreden kijkt ze rond naar het resultaat van haar gezwoeg.
‘Perfect’, zegt ze.

Over de vloer. En over zichzelf, denk ik.